Social media ei?

Zeker weten doe ik het niet, maar ik vermoed dat ik een ei ben op het gebied van social media. Ik zie social media als een waardevolle toevoeging op de communicatie en ik ben blij dat ik leef in het tijdperk waarop we elkaar met meer dan alleen rooksignalen kunnen bereiken en informeren. Maar een waardevolle toevoeging is wat mij betreft ook niet méér dan dat.

Praten met mensen staat voor mij nog steeds met stip op nummer 1. Ik vind het fijn om te zien en te voelen wat onderliggende boodschappen zijn, waar de verborgen agenda zich bevindt en hoe iemand reageert op hetgeen ik zit te blaten. Ik kan zelf nogal direct reageren, benoem wat ik zie, ervaar en voel in een gesprek. Degene die tegenover of naast me zit in het gesprek van dat moment zal mij lang niet altijd als prettige gesprekspartner ervaren, dat geloof ik graag. Er is in een live gesprek met mij wel altijd de mogelijkheid om jezelf te laten zien; ik nodig je daartoe uit. En ik ben ook mezelf en blijf in elk gesprek dicht bij mezelf.

Hoe anders werkt dat op social media. Het gaat op al die kanalen uiteindelijk om presenteren, profileren en amuseren. Het is helemaal de bedoeling niet om elkaar aan te voelen, te begrijpen of om wezenlijk interesse in elkaar te tonen, toch?

Ik houd voor mezelf de stelregel aan dat ik niks op social media knal wat ik live nooit zou durven zeggen of doen. Dat is mijn graadmeter. Nu durf ik nogal veel in het echte leven, dus ook op social media laat ik een en ander zien van mijn privé leven, mijn gezinsleven, mijn bedrijf en mijn worstelingen in het leven.

Presenteren en profileren, ik doe er graag aan mee. En ik vind het ook niet zo’n probleem als mensen dat dan gek, bijzonder of ongepast vinden. Dat mag…………. Ik stoor me weer aan andere dingen op social media en iedereen die het nodig vindt om ’s ochtends te laten weten dat ie lekker heeft geslapen en om ’s middags nog eens lekker ongenuanceerd over buitenlanders te posten om ’s avonds de zwarte pieten discussie nog eens af te stoffen die blokkeer ik of ban ik van mijn tijdlijn. Ik scroll snel over voetbalpraat heen, behalve als het gaat om het sterrenteam waar mijn dochter in speelt. En ik meng me ook niet in het ruilen van plaatjes, stickers en ander supermarktongein.

Dat zijn ook niet de onderwerpen waar ik me gewoonlijk in  gesprekken toe voel aangetrokken en mijn stilzwijgen is zeker niet persoonlijk.

Amuseren probeer ik ook op social media Ik doe mijn best om soms een leuke tekst of afbeelding te plaatsen. Meestal is dat iets waar ik zelf erg om heb gelachen of wat me heeft geraakt. De mensen bij wie mijn tekst of plaatje aanslaat liken of reageren. Mensen die er niets mee kunnen negeren het, ook prima. Wat me wel verbaasd is als mensen er een  ‘oordeel’ onderzetten. Als ik een goede discussie op touw wil zetten, dan zoek ik je wel persoonlijk op. Al die ongezouten meningen over iets waar ik niks bijzonders mee voor ogen had vind ik nogal afleiden van het amusementsgehalte eerlijk gezegd.

Verder feliciteer ik mijn hele social media netwerk met hun verjaardag. Of met de verjaardag van hun kroost. Of met het zoveelste huwelijksjaar. En sinds Facebook, Instagram en andere uitbreidingen in onze communicatie, betrap ik mezelf er ook op dat ik zelfs geposte huisdieren feliciteer met hun verjaardag. En ik wens Hoffy, Fluffy en Minouche veel plezier met het nieuwe mandje, speeltje of bot.

En ik ben met name een ei op het gebied van dat gefeliciflapstaart, oprechte deelneming en ‘hoe is het nou met de poot van je zieke hamster’amusement.

Ik denk namelijk altijd dat het heel attent is als ik via Facebook, Instagram of Linkedin een felicitatie of ‘sterkte’ of een ‘veel succes’ post. Maar zo wordt dat helemaal niet ervaren weet ik sinds kort. Tegenwoordig doen zoveel mensen hetzelfde dat het niet meer opvalt dat ik ook mijn interesse heb overgebracht. Wat wél opvalt is als ik het vergeet bij mensen die vinden dat juist ík toch wel iets van me had moeten laten horen. En daar begint het voor mij  enigszins ingewikkeld te worden.

Als ik naar je informeer, je feliciteer, vraag naar de gezondheid van je moeder dan is dat omdat ik het écht wil weten. En als ik er niet naar vraag, dan heb ik er niet aan gedacht. Dat is geen uiting van desinteresse, daarmee geef ik niet impliciet aan dat ik jouw leven niet interessant vind en ik ben ook niet alleen en al met mezelf bezig geweest: ik heb er simpelweg niet aan gedacht.

Ik verwacht natuurlijk ook wel een wat van een ander, maar ik heb er een goede gewoonte van gemaakt om mijn verhaal gewoon te vertellen als ik daar behoefte aan heb. Zonder oordeel over ‘had je me niet kunnen vragen hoe het was’. Ik maak eigenlijk nooit mee dat mensen in mijn omgeving mijn verhaal dan niet even willen aanhoren……..

Met elkaar blijven praten lijkt mij dus het beste. Er kan wat mij betreft niks op tegen het elkaar in de ogen kijken en lichaamstaal zien als het echt ergens over gaat. Bellen vind ik ook nog steeds een prima alternatief om informatie uit te wisselen en bij te kletsen. En alle Whatsapp, mail, Insta, Linkedin en andere moderne toevoegingen omarm ik. En soms leg ik mijn telefoon gewoon even weg, op vliegtuigstand. Kan ook gewoon……….